Dagje Strand deel 1- Heimwee naar mezelf

Rebecca heeft een boek geschreven. En het is zo ontzettend leuk dat Platform MS een hoofdstuk alvast met jullie mag delen. In drie delen laten wij jullie kennismaken met Deborah. Het verhaal gaat over Deborah, een 42-jarige alleenstaande moeder van 2 zoons die 8 jaar geleden de diagnose rrms kreeg.

“Het is dus niet mijn verhaal maar alle MS-dingetjes die er in voorkomen heb ik wel op een soortgelijke manier meegemaakt. Zoals gezegd is het dus fictie gebaseerd op waargebeurde feiten. De proloog is eigenlijk precies zoals ikzelf de diagnose heb gekregen. Een leuk detail; ik heb dit hele boek geschreven met spraakherkenning omdat ik niet meer kan schrijven of typen”, aldus Rebecca-Rabi’a Frank.

Dagje Strand

Diezelfde week werd de rolstoel en de po/douchestoel geleverd. De rolstoel zette ik opgeklapt uit het zicht, maar de douchestoel was een blijvertje! Ik zette hem naast mijn bed als postoel en ontdekte dat deze stoel door de grote wielen stabieler was, maar nog fijner was dat de po waar ik in plaste dit keer niet van ijzer was maar van plastic. Dit betekende dat niet het hele huis kon meegenieten als ik ging plassen. Het plastic maakte dat het geluid meer gedempt werd.

Hier zou ik vaker gebruik van gaan maken.

Ik besloot om eens te proberen hoe het zou zijn om er mee onder de douche te rijden en eerlijk is eerlijk; het was echt een aanwinst. Ik kleedde me op bed uit en trok een badjas aan waarna ik op de stoel ging zitten en met de grote wielen naar de badkamer rolde. Er lag inmiddels een drempelhulp zodat ik makkelijk naar binnen kon rijden. Daar trok ik mijn badjas uit en ging met stoel en al onder de douche zitten. Terwijl ik mijn haren waste en me helemaal inzeepte, besefte ik dat ik steeds minder vaak was gaan douchen. Het kostte gewoon te veel energie. Maar nu ik niet meer naar mijn slaapkamer hoefde te lopen, voelde ik me energieker en veiliger. Ik wikkelde mijn haren in een handdoek en droogde me deels af waarna ik mijn badjas weer aantrok en terug naar mijn kamer rolde, een spoor van de natte bandjes achterlatend. Ik wipte van de stoel op mijn bed en droogde me daar verder af en kleedde me aan. Hier zou ik vaker gebruik van gaan maken. Ik belde de volgende dag om de oude postoel op te laten halen.

“Hé, heb jij zin om binnenkort een dagje naar de zee te gaan? Er wordt goed weer voorspeld.”
Het was Astrid en ze had weer een plannetje bedacht om mij het huis uit te krijgen.
“Met een rollator over het strand lijkt me nogal moeilijk,” bracht ik in.
“Nee joh, je hebt toch een rolstoel?”
“Nee, dat loopt lekker. En jij duwen zeker? Dan heb je meteen een hernia te pakken.”
“Oh, ik word gek van jou! Een beetje positief, ja. Prik in ieder geval een datum, ik ga kijken hoe we dat het beste op kunnen lossen. Sterker nog, dat ga ik meteen doen. Je hoort vandaag nog van me.”

Maar het was nu eenmaal niet meer zo vanzelfsprekend om zomaar even, hup, de auto in te springen en maar te zien waar je uitkwam.

En ja hoor, ze had al opgehangen voor ik nog iets anders in kon brengen. Ik voelde me meteen een beetje schuldig. Ik was inderdaad niet altijd erg vrolijk en zag vaak beren op mijn pad. Maar het was nu eenmaal niet meer zo vanzelfsprekend om zomaar even, hup, de auto in te springen en maar te zien waar je uitkwam. Waar we ook heen gingen, er moest in ieder geval een toilet in de buurt zijn. En ik wist helemaal niet of ik nog wel alleen op de wc kon komen. Thuis ging dat wel, ik gebruikte ‘s avonds en ‘s ochtends de postoel en overdag gewoon mijn eigen toilet, maar daar kon ik me vasthouden aan de muren. Ik had er al over nagedacht om beugels te laten installeren zodat ook dat veiliger en makkelijker zou gaan. Maar hoe dat in een openbaar toilet moest… En lopen achter een rollator ging ook nog wel, maar de afstand was al flink gereduceerd. Zelfs thuis maakte ik meer gebruik van de trippelstoel dan van de rollator. Ik had wat offertes opgevraagd van scootmobielen en al het andere papierwerk gedaan dat de gemeente vereiste, maar ik wist niet hoe lang het nog ging duren voordat ik er daadwerkelijk een had. En hoe lang het dan weer zou duren voordat ik er ook daadwerkelijk op zou gaan rijden. Dat was toch een ander dingetje.

Als we naar het strand gingen, zou het waarschijnlijk Scheveningen of zo worden waar ik in de rolstoel over de boulevard kon rijden. Dat had Astrid vast ook in gedachten omdat ze wist dat ik de rolstoel niet zomaar zou gaan gebruiken. Net als bij de rollator had ze het idee dat ze me een zetje moest geven. En dat had ik wel nodig, ja. Letterlijk.

En het was in ieder geval zeker beter dan die rolstoel die Astrid dan zou moeten duwen door het mulle zand.

Later die dag appte Astrid me met foto’s van een strandrollator! Deze was te huur bij een strandpaviljoen in Zeeland. Ze hadden ook een rolstoel met van die dikke banden die je ook over het strand kon duwen, maar die elektrische leek haar een geweldig idee. Het zag er best wel supersonisch uit. En het was in ieder geval zeker beter dan die rolstoel die Astrid dan zou moeten duwen door het mulle zand. Samen met de foto’s kreeg ik enkele data door waarop zij vrij was en of ik zo vriendelijk zou willen zijn er eentje te prikken. Dit deed ik en we spraken af dat ze me die dag in de ochtend op zou komen halen en we mijn nieuwe rolstoel in de achterbak zouden gooien voor de zekerheid, omdat we niet precies wisten hoe ver we moesten lopen naar het strandpaviljoen.

“Ik zei toch dat het lekker weer zou zijn,” lachte Astrid toen ik de deur voor haar open deed. “Ja, prachtig. Gelukkig ook niet te warm.”
Astrid liep naar de hoek waar ik de rolstoel verstopt had en reed deze de kamer in.
“Kom maar uit die veredelde bureaustoel van je, we proberen meteen vandaag jouw rolstoel uit.”
“Ik ga eerst even plassen, dat is tegenwoordig het laatste wat ik doe voordat ik mijn huis verlaat.”
Toen dat gebeurd was en ik voor de zekerheid een maandverbandje in mijn onderbroek geplakt had, want je wist maar nooit of ik het droog hield, ging ik in de rolstoel zitten en duwde Astrid me naar haar auto. Toen ik eenmaal zat en de rolstoel achter in de auto lag, vertrokken we. Zo in de auto, met de raampjes open en de muziek hard aan, vergat ik even mijn zorgen. Als iemand me zo zou zien, zouden ze niet eens weten dat ik gehandicapt was.

Rebecca

Woensdag is hier deel II te lezen van het nieuw te verschijnen boek van Rebecca; Heimwee naar mezelf.

 

FacebooktwitterlinkedinFacebooktwitterlinkedin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.